In deze periode van het jaar staan velen stil bij de monsterlijkheden die mensen hun medemensen hebben aangedaan. Afschuwelijk om te bedenken wat mensen, door groepsdruk, en propaganda gedreven, bereid zijn om te doen onder leiding van de “heerser van de geest” (Ef. 2:2), “de heerser van deze wereld” (Joh. 16:11), “de god van dit samenstel van dingen” (2 Kor. 4:4). Maar wat zou je denken van een heerser die bereid is om mensen, die niet naar hem willen luisteren, levenslang gevangen te zetten, en bovendien te martelen, zoals ten tijde van de inquisitie in de middeleeuwen gebeurde? Of erger?

De rillingen lopen je misschien over de rug als je hier bij stilstaat. Bij mij ook. Maar er zijn heel veel mensen die geloven dat dit hetgeen is dat God in het hiernamaals zal doen , met mensen die zijn goedkeuring niet hebben. Geestelijke leiders prediken eeuwigdurende hel en verdoemenis, waar mensen na de dood eeuwig afschuwelijke pijnen zullen doorstaan. Dat is een disproportionele, onrechtvaardige, sanctie ten opzichte wat mensen gedurende een periode in hun leven verkeerd hebben gedaan, dat begrijpt iedereen.

Tegelijkertijd beweren ze met droge ogen dat hun God, die zondaars in de hel pijnigt, een liefdevolle God is, die zelfs zijn zoon als een losprijs voor de zonden van de mensheid heeft geofferd?! Bovendien geloven zij ook dat God alles wat er gebeurt voorbestemd is, en het een uitdrukking is van zijn wil. Daardoor stellen ze God verantwoordelijk voor de dood van enorm veel mensen; eigenlijk is Hij in hun ogen een massamoordenaar.

Zij, die dergelijke dingen beweren, weten niet waar ze het over hebben, en lasteren God zonder het te beseffen. Velen geloven echter wat dergelijke mensen vanaf de kansel beweren. Zij weten zich niet te verweren tegen dergelijke opvattingen, omdat ze de bijbel niet goed begrijpen, of dat hen afgeleerd is vragen te stellen bij de officiële leer van de kerk of de moskee. Zij die echt geloven in de hel als echte plaats van eeuwige pijniging, proberen zich angstvallig aan de regels van hun kerk te houden uit angst voor de hel, waardoor echte liefde voor God wordt belemmerd. Wat een geestelijke terreur ondergaan zij van jongs af aan! En hoe erg is dat!

Ja, het is waar dat God liefde is (1 Johannes 4:8). Maar dat God ervoor zorgt dat mensen die niet willen leven zoals Hij bedoeld heeft voor eeuwig worden gefolterd en pijn lijden is geheel onjuist. Adam en Eva stierven voor altijd, zonder hoop op een opstanding. Over hen en hun nakomelingen werd gezegd dat ze “tot stof” zouden terugkeren (Genesis 3:19). De doden zijn zich “nergens van bewust”, dus kunnen ze ook geen pijn of vreugde ervaren (Prediker 9:5,10). Zij “slapen”, legde Jezus figuurlijk uit (Johannes 11:11), en wachten op de opstanding “op de laatste dag” (Johannes 11:24). Die opstanding is zowel voor “rechtvaardigen als onrechtvaardigen” (Handelingen 24:15), die in de periode na de opstanding volledig dienen te tonen dat ze willen leven zoals God bedoeld heeft.

Maar hoe zit dat dan met teksten waarin Gehenna (vaak vertaald met ‘hel’)¹ geassocieerd wordt met een eeuwig vuur dat nooit uitgedoofd kan worden, en waarin onberouwvolle zondaars terecht komen, zoals bijvoorbeeld in Markus 9:43? Of teksten waarin gesproken wordt over een meer van vuur (Openbaring 20:15, of van eeuwige vernietiging (1 Thessalonicenzen 1:9)? Hoe moeten die dan begrepen worden?

Laten we er eens bij stilstaan wat er gebeurt als je iets in vuur gooit? Dat verbrandt, en wordt tot as. Met vlees op de barbecue is dat precies zo. Als je het er niet op tijd afhaalt, verbrandt het, totdat er alleen as overblijft. Zo wordt in de bijbel eeuwig brandend vuur gebruikt als symbool dat er van een onberouwvolle zondaar uiteindelijk niets over zal blijven dan as; geen opstanding, maar een definitief einde van zijn bestaan.

Degenen, die beweren dat iemand na de dood eeuwig pijn zal lijden in een hel, gaan er vanuit dat iemand bij bewustzijn is als dat gebeurt, maar dat is niet zo. “Het loon dat de zonde betaalt is de dood” (Romeinen 6:23), en “de ziel die zondigt, die zal sterven” (Ezechiël 18:4), leert de bijbel. Hierboven hadden we al gelezen dat de bijbel ook leert dat de doden zich nergens van bewust zijn, en geen emoties kunnen ervaren.

Concluderend kunnen we, op basis van de bijbel en de manier waarop God zich aan ons via Zijn Woord, en via zijn zorg voor ons, aan ons voorstelt, stellen dat de leerstelling van eeuwige pijniging van zondaars in een hel, een godslasterlijke leerstelling is, die gebaseerd is op een verkeerd begrip van de bijbel. Door de bijbel op die manier verkeerd uit te leggen, wordt God voorgesteld als een wrede, in plaats van een liefdevolle, barmhartige en vergevingsgezinde God, en is het onmogelijk om God uit liefde te aanbidden en te gehoorzamen. Door relevante bijbelverzen in harmonie met elkaar te begrijpen komt de uitleg overeen met de rechtvaardigheid, wijsheid en liefde van God.

¹ Zowel het bijbelwoord Gehenna (“dal van Hinnom”), als het Hebreeuwse woord Sjeool (in het Grieks: Haides), worden in onnauwkeurige vertalingen vertaald als ‘hel’. Dat heeft een onjuist begrip in de hand gewerkt. Zie voor meer informatie: Wat is het meer van vuur? Is het hetzelfde als de hel of Gehenna? en Wat zijn Sjeool en Hades?